Onderscheidingen

Metalen Kruis 1830-1831
Het Metalen Kruis 1830-1831 is een Nederlandse onderscheiding en ereteken dat in 1831 werd toegekend aan zij die aan de Tiendaagse Veldtocht hadden deelgenomen. Het werd ingesteld door Koning Willem I bij Koninklijk Besluit no. 70 van 12 september 1831 en uitgereikt aan allen die in het leger of de Koninklijke Marine aan de krijgsverrichtingen in de jaren 1830 en 1831 hebben deelgenomen. Het Metalen Kruis staat ook wel bekend als het Hasseltkruis. Het brons voor het kruis was afkomstig van enkele kanonnen die buit waren gemaakt tijdens de Slag om Hasselt, een Nederlandse overwinning op 8 augustus 1831.
Hendrik Serné (1810 – 1831)
Hendrik Serné heeft deelgenomen aan de Tiendaagse Veldtocht in België in 1831. Bij Beckevoort raakte hij gewond door een geweerkogel in de rechter bil. Op 5 april 1832 ontving Hendrik vanwege zijn deelname aan deze veldtocht het Metalen Kruis. Hendrik heeft deze onderscheiding postuum ontvangen. Op 24 augustus 1831 is hij in het gasthuis (ziekenhuis) van Diest overleden.
Pro Ecclesia et Pontifice
De onderscheiding Pro Ecclesia et Pontifice wordt verleend aan personen die minimaal 45 jaar oud zijn en zich minstens 25 jaar op bijzondere wijze in lokaal verband inzetten voor Kerk en samenleving. Vroeger werd deze onderscheiding verleend voor bewezen trouw en goede diensten jegens de Kerk en de Paus (Lat.: pro Ecclesia et Pontifice). De onderscheiding Pro Ecclesia et Pontifice is ingesteld door Paus Leo XIII op 17 juli 1888 als herinneringsmedaille ter gelegenheid van zijn gouden priesterjubileum. Sinds 1898 wordt deze onderscheiding permanent verleend.
Arend Serné (1852 – 1936)
Met bijzondere ingenomenheid zullen de zeer vele vrienden van den heer Arend Serné vernemen, dat het Z. H. den Paus behaagd heeft hem met het gouden kruis „Pro Ecclesia et Pontificë” te begiftigen, wegens zijn vele verdiensten voor Kerk en school. (bron: De Tijd, 8 september 1917)






Het Ereteken voor Belangrijke Krijgsbedrijven
Het Ereteken voor Belangrijke Krijgsbedrijven, ook wel “Expeditie-Kruis of Kruis voor Krijgsverrichtingen” genoemd, is een Nederlandse militaire onderscheiding. Het op 19 februari 1869 ingestelde kruis wordt aan alle officieren, onderofficieren en manschappen toegekend die aan een bepaalde belangrijke expeditie deelnemen.

Gesp Atjeh 1873-1890: Aan hen, die hebben deelgenomen aan de krijgsverrichtingen in Atjeh en Onderhoorigheden in de jaren 1886 tot en met 1890. (ontvangen door Pieter op 1893/04/28)

Gesp Atjeh 1896-1900: 22 januari 1901 no. ?: aan allen, die tusschen 29 maart 1896 en het einde van het jaar 1900 deel hebben uitgemaakt of uitmaken van de bezetting van Atjeh en Onderhoorigheden, of die gedurende dat tijdvak hebben gediend op schepen, behoorende tot de scheepsmacht in de wateren van Atjeh of tot de Atjeh-divisie, dan wel op de in die wateren gestationneerde schepen der Gouvernements-marine. (ontvangen door Pieter op 1902/01/28)
Pieter Serné (1864 – 1920)
Pieter was marinier. Hij is twee keer een periode in toenmalig Nederlands Oost Indië geweest. Twee keer heeft hij daar toen deelgenomen aan de Atjeh-oorlogen. Pieter is tevens gedecoreerd voor zijn 12 jarige (brons) en daarna zijn 24 jarige (zilveren) trouwe dienst.
Het Officierskruis
Het Officierskruis is 19 november 1844 ingesteld door Koning Willem II. Sindsdien wordt het op of rond zijn geboortedag 6 december uitgereikt. Omdat dit over het algemeen gepaard gaat met nuttigen van een glaasje jenever, wordt de onderscheiding ook Jeneverkruis genoemd. Militairen komen pas in aanmerking voor het Officierskruis als zij minstens 15 jaar als officier dienen.
Pieter Alexander Sernée (1853 – 1930)
Het onderscheidingsteken voor 15 jaren Nederlandsche dienst als officier is uitgereikt aan de 1e luitenant P.A. Sernée. (Bron: Leeuwarder Courant, 9 december 1893)
Orde van Oranje-Nassau (voor 1996)
De in 1892 ingestelde Orde van Oranje-Nassau bestond tot 1996 uit vijf graden. Daarnaast waren er tot 1996 Eremedailles aan de Orde verbonden. Deze eremedailles werden uitgereikt in goud, zilver en brons aan mensen die een bijzondere maatschappelijke bijdrage hadden geleverd. De dragers van deze Eremedaille zijn officieel niet opgenomen in de Orde. Sinds 1996 worden de Eremedailles niet meer uitgereikt en zijn de eremedailles vervangen door de graad 'Lid'.
Johannes Sernee (1858 – 1946)
Op 30 augustus 1927 is de heer J. Sernee uit Akersloot onderscheiden als Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Johannes Sernee ontvangt de onderscheiding vanwege zijn 50 jarig jubileum als onderwijzer.

Johannes Serné (1866 – 1929)
De heer J. Serné heeft als meesterknecht bij drukkerij Joh. Enschedé en zn. ter gelegenheid van de verjaardag van H.M. de Koningin (Wilhelmina) op 30 augustus 1920 de bronzen eremedaille, verbonden aan de Orde van Oranje-Nassa ontvangen.

Pieter Frederik Serné (1884 – 1957)
De heer P.F. Sernée is op 19 september 1950, 40 jaar werkzaam bij de grafische inrichting Joh. Enschedé en zonen NV. Hij ontvangt hiervoor de bronzen eremedaille, verbonden aan de Orde van Oranje-Nassau.

Anna Maria Sernee (1889 – 1978)
Oud-onderwijzeres aan een bijzondere lagere school te Akersloot (O.K.W)



De Orde van Oranje-Nassau (na 1996)
De in 1892 ingestelde Orde van Oranje-Nassau heeft sinds 1996 zes graden: Ridder Grootkruis, Grootofficier, Commandeur, Officier, Ridder en Lid. Voor een benoeming in de Orde van Oranje-Nassau komen personen in aanmerking die zich voor de samenleving bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt.
Alexander Johannes Serné (1925 – 1998)
Alexander Johannes Serné werkte sinds enkele jaren na de tweede wereldoorlog bij verschillende Volkskredietbanken; hij begon in Hilversum en kwam daar weer terug na ook in de Zaanstreek en Haarlem actief te zijn geweest. Volgens de burgemeester was Serné ,,zéér gewaardeerd”. Daarnaast was de Hilversummer echter ook actief in de watersportvereniging en bij de Loosdrechtse recreatieraad. De nieuwe ridder noemde zijn onderscheiding een bijzondere bekroning. Hij kondigde aan de koningin persoonlijk te zullen bedanken voor de medaille. Zijn echtgenote kreeg van de burgemeester de traditionele kristallen vaas met het gemeentewapen. ,,uw man zorgt wel dat er voortdurend bloemen in staan.”

Hendrikus Wilhelmus (Henk) Serné (1941)
Op zaterdag 5 november 2005 is de heer H.W. Serné uit Zevenaar onderscheiden als Lid in de Orde van Oranje Nassau. Henk Serné ontvangt de onderscheiding vanwege zijn grote verdiensten voor de amateur-muziek in Arnhem en omgeving.

Petra Serné-Ligthart (1964) uit Tuitjenhorn (geboren en getogen Warmenhuizense) brak zondag bij een fietstochtje haar enkel en zat daarom in een rolstoel. ,,Een ongelukkige botsing met mijn man Jan.’’
Sinds 1986 is Petra bestuurslid/vrijwilliger van de EHBO-vereniging Dirkshorn en verzorgde ze van 2003-2013 EHBO-lessen op de basisschool. Sinds 2008 is zij respectievelijk coach, (mede)bestuurslid en arbiter bij volleybalvereniging De Boemel in Tuitjenhorn. Daarnaast is ze sinds 2010 administratief medewerker van de AED-werkgroep Schagen. (bron: Noord-Hollands dagblad, 26 april 2017)
Het Bronzen Kruis
Het Bronzen Kruis wordt verleend aan hen die "moedig of beleidvol" optraden tegenover de vijand. De onderscheiding kan overigens ook toegekend worden aan Nederlandse burgers en buitenlanders, die aan deze eisen voldoen. De onderscheiding moet dus aan het front of in een of andere wijze "oog in oog met de vijand" worden verdiend. Het Bronzen Kruis werd ingesteld in twee gradaties, met en zonder Eervolle Vermelding.
Maarten de Vries (1885 – 1940)
Bij Koninklijk Besluit postuum verleend. Maarten de Vries is op 10 mei 1940 gesneuveld tijdens gevechten bij de Haagse Schouw te leiden. Hij was gehuwd met Sophia Serné. Zij is overleden ten gevolge van het geallieerde bombardement op Amersfoort in 1944.
Medaille van het Koninklijk Meteorologisch Instituut (KNMI)
Staatssecretaris Joop Atsma van Infrastructuur en Milieu heeft donderdag 7 april 2011 bij het KNMI in De Bilt voor de laatste keer de Koninklijke medailles en barometers uitgereikt aan zeevarenden voor hun verdiensten voor de maritieme meteorologie. De laatste uitreiking aan kapiteins en stuurlieden op het KNMI betekent het einde van een 154 jaar lange traditie van het belonen van weerwaarnemers op zee. Al deze beloningen worden uitgereikt, “…uit erkentelijkheid voor bijzondere verdiensten op het gebied van maritieme meteorologie…”
Erik Jacob Johan Serné (1962)
De onderstaande kapiteins en stuurlieden zijn onderscheiden vanwege hun bijzondere verdiensten voor de maritieme meteorologie: O. Smolyanskyy, E. de Asis, E.A. Boeree, R.M. Chua, F.G.M. Daniels, P.J. Draaijer, E.P.C. Drent, H. Esmeijer, T. Gaarkeuken, K.W. Gaastra, A.B.J.W. van Groenestijn, C.A. Haan, P.H. Hagendoorn, R.J.A. Hartman, H.T. Hiensch, A. van der Hoek, B.W. Hofman, G.A. IJssel de Schepper, P.A. Kampstra, P.G. Klanker, P.G. Knijf, H.Y. van Losenoord, B.A.G. Meurs, B.P. Mosquite, E. Narra, W. Olonan, W.K. Paape, A.T.W. Polee, R.P.R. van Quekelberghe, E.A. Reiche, J.J. Scholtsz, E.J.J. Serné, D. Tejero, M.M.N. Vonk, G. de Vries, J. van Vuuren, E.E. Wagenaar, G.J. Woolthuis, D.J. van der Zwaard
Enschedé Penning
Gerardus Sernee (1899–1973)
Gerard heeft tot zijn pensioen bij de firma Joh. Enschedé gewerkt. Hij was daar de laatste handzetter. Bij zijn afscheid op 4 juni 1965 kreeg hij een legpenning. Deze legpenning staat hier links afgebeeld. (bron: G. Sernee, kleinzoon)
Rechtvaardige onder de Volkeren is een uit de Talmoed afkomstige eretitel die door Israël wordt gegeven aan gojim (niet-Joden) die Joden ten tijde van de Holocaust hebben helpen onderduiken, ontkomen en overleven. De toekenning gebeurt door de leiding van Yad Vashem, de plaats waar het Joodse volk de slachtoffers van de door Adolf Hitler georganiseerde massamoord op de Joden herdenkt. Men noemt de titel ook wel Yad Vashem-onderscheiding voor hulp aan Joden of kortweg Yad Vashem. De decorandus ontvangt een medaille en een oorkonde met de vermelding van zijn of haar naam. Verder wordt deze naam in Jeruzalem in een muur gebeiteld, in een park gewijd aan de "Rechtvaardige onder de Volkeren".
Ruth Nussbaum verhuisde vanuit Duitsland naar Nederland en woonde tijdens de oorlog in Arnhem. Via kennissen in de Sociaal Democratische Partij maakte zij kennis met Cato Serne-de Jong, een weduwe die ook in Arnhem woonde. Vanaf de zomer van 1942 tot de evacuatie van Arnhem in september 1944 kon Ruth zich verbergen op de zolder van Cato. Cato's zoon was de enige persoon die wist van de verborgen Jood en zijn moeder volledig steunde. Tijdens haar onderduikjaren, zorgde Cato er altijd voor dat Ruth genoeg te eten had. Ze slaagde erin om extra rantsoenbonnen van de ondergrondse te krijgen en kocht ook voedsel op de zwarte markt. Ruth deelde de uitgaven, maar Cato verzekerde de voortvluchtige dat ze zich geen zorgen moest maken als haar geld op was. Cato wilde nooit een woord van dankbaarheid horen. Ze zei altijd: "Je moet helpen waar je kunt." Cato en Ruth ontwikkelden een zeer warme vriendschap die doorging tot de dood van Cato in 1975.
Op 6 februari 1986 herkende Yad Vashem Cato Serne-de Jong als Righteous Among the Nations.



British War Medal
De Britse Oorlogsmedaille (Engels: "British War Medal") van het Verenigd Koninkrijk was een op 26 juli 1919 door Koning George V van het Verenigd Koninkrijk ingestelde militaire onderscheiding. De medaille eert de deelnemers aan de Eerste Wereldoorlog. De zilveren medailles waren voor officieren, onderofficieren en soldaten, de bronzen medailles werden meestal toegekend aan de Chinese, de Maltese, en Brits Indische mannen die in arbeidsbataljons en het Chinese Labour Corps hadden gediend. Om in aanmerking te komen voor de medaille moest men in ieder geval tussen 5 augustus 1914 en 11 november 1918 in dienst zijn geweest.

Victory Medal
De Overwinningsmedaille, (Engels: "Victory Medal") ook wel "Inter-Allied Victory Medal" genoemd, is de Britse versie van de Intergeallieerde Medaille die na de overwinning in de Eerste Wereldoorlog aan meer dan 6.334.522 veteranen werd uitgereikt. De medaille werd op 1 september 1919 ingesteld door George V van het Verenigd Koninkrijk. De medaille werd ook in de Britse koloniën en in de dominions Canada, Australië, Nieuw-Zeeland en het Keizerrijk India uitgereikt. Om voor de medaille in aanmerking te komen moest men gemobiliseerd zijn, in een van de strijdkrachten opgenomen zijn geweest en tussen 5 augustus 1914 en 11 november 1918 in een oorlogsgebied zijn geweest.


Leo Anthonius Serne (1882 – 1950)
Leo Antonius (Leonard Anthony) proudly wearing his medals from WWI. The lady to his right we think is his wife Beatrice Voake, the child could be Catherine. It is not sure who the other seated Lady or the young man are. (source: Gloria Serne, 2005)
Queen Elizabeth Diamond Jubilee-medaille
De Canadese medaille, "om belangrijke bijdragen en prestaties van de Canadezen te eren", wordt beheerd door de Chancellery of Honours in Rideau Hall en werd toegekend aan 60.000 burgers en permanente inwoners van Canada die een belangrijke bijdrage hebben geleverd aan hun landgenoten, hun gemeenschap of naar Canada in de afgelopen zestig jaar
Gus Boersma (1936-2017)
Gus was getrouwd met Sigrid Serné. In 2012 ontving Gus de Queen Elizabeth Diamond Jubilee-medaille voor zijn prestaties in openbare functies en binnen de gemeenschap