Zweedse brieven (2)

Op de eerste pagina over de Zweedse correspondentie van de firma Serné & Comp. staat vermeld hoe ik de vertaling heb verkregen. Hieronder staat een tweede voorbeeld van een brief van Pieter Julius Serné aan Petter Claessen.

Brief d.d 13 mei 1780 van Pieter Julius Serné aan Petter Claesson

Brief van Pieter Julius Serné aan Petter Claesson (1780) p.1

Brief van Pieter Julius Serné aan Petter Claesson (1780) p.1

Brief van Pieter Julius Serné aan Petter Claesson (1780) p. 2

Brief van Pieter Julius Serné aan Petter Claesson (1780) p. 2

Zweedse vertaling

Herren Petter Claesson uti Abo
Amsterdam d. 13 Maij 1780

Högtärade Herre

Sedan jag för 2ne åhr sedan med min intime
wän herr Eric Axel Liedbeck mig associeradt
och börjat mit egit Etablissement under
firman af bägges wåra understående
handteckningar af Serné v. C så hade säkerligen
den tiden wäl fordrat skyldigheten Mhr
som en wälmånande och upricktig wän af
oss bägge sådant Communicerat, men som
iag nu först af Capt Siöman blefwit
underrättade, det Mhr sig åter resolverat
at uptaga affairerne i ställe för den
stilla Landslefnanden, och återkommit
til Åbo, så tillåt oss nu at til wår
enskyllan bruka det bekanta ordspråket
bättre sent än aldrig at iag nu detta
Etablissement på Solide grunder giordt
kan Mhr finna af hos gående in closa
från wår protector Herr Jan Vergoes och
hwilken iag weta Mhr personligen kiänner,
samt at han än den samma som kan
hielpa dem han wil, således som Mhr
altid för detta wisat oss des kiärlek
och gunst, war nu gunstig fortfar
nu dermed framdeles, så wäl med
des egit förtroende til oss lämnande
som ock dess recommendation til andra
dess wänner uti Swerige, wij hoppas
med guds hielp så wäl uti det
ena som det andra kunna gifwa alt
nöje, samt så godt som någon annan
utföra det som oss anförtros, därföre
inesluta oss uti Mhr wanl. Wänskap
och i längtan af angenäma befalningar
lefwa med al högackting

Mhr Herres
Hörsamste Tjenare
Serne v. Coms

Firman
af Mhr hörsamst. Tjenare Piet: Jul. Serné
af Herres hörsam.ste …
Eric Axel Liedbeck

Nederlandse vertaling

Dhr. Petter Claesson in Abo
Amsterdam de 13 Mei 1780

Hooggeerde Heer

Sinds ik 2 jaar geleden met mijn innige
vriend Eric Axel Liedbeck is geassocieerd
en is begonnen mijn eigen onderneming onder
de onderneming met onze beide onderstaande
handtekeningen av Serné v. C dan had beslist
de tijd wel geeist de verplichting van Mhr
als een goed vermogend en oprecht vriend van
ons beide om zoiets aan ons te communiceren, maar omdat
ik nu pas eerst door kapitein Siöman is
geinformeerd, dat Mhr zich opnieuw heeft besloten
om de zaken op te nemen in plaats van
het stille landleven, en is teruggekomen
naar Åbo, zo geef ons nu de ruimte om ons
te verontschuldigen en het gebruikelijke gezegde
beter laat dan nooit te gebruiken dat ik deze
vestiging op solide basis heb gemaakt
kan Mhr van ….. lopende i ……
van onze beschermheer Dhr Jan Vergoes en
welk wie ik weet Mhr persoonlijk kent,
en dat hij dezelfde is die kan
helpen die hij wil, zoals Mhr
altijd voorheen ons zijn liefde
en gunst heeft laten zien, wees nu gunstig voortzet
nu hiermee voortaan, zowel met
het uw eigen vertrouwen aan ons gegeven
als ook uw recommendatie aan andere
uw vrienden in Zweden, wij hopen
met Gods hulp zo wel in het
ene als in het andere alle genoegen te kunnen
geven, en zo goed als ieder ander
dat wat ons toevertrouwt wordt kunnen uitvoeren, daarom
ineengesloten ons in Mhr gebruik(elijke) vriendschap
en in verlangen van aangename orders
leven met alle hoogachting

Mhr Heer
Gehoorzaamste Dienaar
Serne v. Coms

Vestiging
van Mhr gehoorzaamste Dienaar Piet: Jul. Serné
van Dhr gehoorzaamste …
Eric Axel Liedbeck

 

Zweedse brieven

Als kooplieden van de firma Serné & Comp. voerden Pieter Julius Serné en Eric Axel Liedbeck correspondentie met diverse klanten. Eén van de personen waarmee zij handelden was Petter Claessen. Op de website van het Finse Nationale Archief vond ik gescande brieven van Pieter Julius en Eric Axel aan deze heer Claessen.

Er was echter een klein probleem. Pieter Julius had in Zweden gewoond, en kon dus in het Zweeds schrijven. Ik had een Zweedstalige, handgeschreven brief van Pieter Julius Serné waar ik geen letter van begreep.
Ik wist dat er in onze familielid is, die een Zweedse cursus volgt. Zij (José Serné) heeft geprobeerd om de brieven te ontcijferen, maar het oud-Zweeds is best ingewikkeld. Via een internetforum kreeg ik contact met een Zweedse dame, Anneli Isaksson, die nu in Alkmaar woont. Zij heeft voor mij de brieven vertaald. Eerst heeft ze het handgeschreven Zweeds ontcijferd en daarna het Zweeds in het Nederlands.

Brief d.d 3 november 1776 van Pieter Julius Serné aan Petter Claesson

Kirjeet_133

Brief van Pieter Julius Serné aan Petter Claessen (1776)

Zweedse vertaling

Herr Petter Claesson Amsterdam d. 3 Novbr 1776

Högtärade Herre och wän
Jämte min hörsamma tacksägelse afläg-
gande för den mig beviste wänskaps prof
under Ers senast wistande härstedes;
tager jag friheten, än widare inesluta
mig uti Ers benägna åtanke, och längtan
ändeligen få weta hure afsättningen
warit på Satinerne och Camlotterne, samt
beder om Ers skulle finna sig animerat
at ordonera åter något, ju för ju heldre
mig så dant upgifwa, till at om deras
tilwärkande uti fabriquen kunna
giöra tidig anstalt, på det samma
må wara färdiga enär Ere
håls behagar, antingen at taga
dem med sig från Sundet eller
härifrån. I afbidan af Eres
angenäma swar framlefwer med
al högacktning      Er herres
Hörsammaste Tjenare

Petter Julius Serné

Nederlandse vertaling

Heer Petter Claesson Amsterdam de 3 November 1776

Hoogeerde Heer en vriend
Bij mijn gehoorzaamste dankbaarheid aflegging
voor die mij aangetoonde vriendschaps proef
onder Uw laatste bezoek hier;
neem ik de vrijheid, om verder mij in te sluiten
in uw welwillende gedachte, en verlangen
eindelijk om te weten hoe de afzetting
op het Satijn en de Camelotten zijn geweest, en
vraagt U of U zouden zich voor voelen
om opnieuw iets te bestellen, hoe eerder hoe liever
mij zoiets op te geven, om het
produceren in de fabriek tijdig
te kunnen beginnen, om het zelfde
af te kunnen hebben wanneer U
…… wilt, om mee te nemen vanuit het Sont of
hier vandaan. In afwachting van Uw
aangename antwoord voortlever met
al hoogachting     Uw Heeres
Gehoorzaamste Dienaar

Petter Julius Serné

Via deze hyperlink een tweede brief!

Familiewapen

Inleiding
Op de pagina over Pieter Julius Serné schrijf ik al iets over het mogelijke familiewapen van de familie Serné. Veel families hebben een familiewapen. Maar niet iedereen met dezelfde achternaam heeft hetzelfde wapen. Er bestaan bijvoorbeeld achttien verschillende wapens die bij de familienaam De Vries horen. Om te weten of je een familiewapen hebt, moet je stamboomonderzoek doen. Pas als je kunt bewijzen dat een bepaald wapen door een voorouder is gebruikt, mag je het zelf ook gebruiken. Pieter Julius maakt deel uit van onze stamboom, maar ik weet nog niet of dat recht geeft op het voeren van zijn (?) wapen.

De feiten op dit moment:

Centraal Bureau voor Genealogie (Heraldische collectie Muschart)
Serne (35 j); In zilver een uitgeschulpt zwart kruis; En over alles heen een rood schuinkruis. 17e eeuws wapenboek in de collectie Wassenaar. Rijksarchief, aanwinst 1891, no. 28, XIX b (*). Mogelijk behoort hiertoe P.J. Serne getrouwd met Cornelia Hermina van Balen 14/9/1796 te Amsterdam. /zie bij van Balen (kist) / lelie /”

Nationaal Archief
De bronverwijzing van Muschart is aangepast en luidt nu: Nationaal Archief, Den Haag, Familie Van Wassenaer van Duvenvoorde, 1226-1996, nummer toegang 3.20.87, inventarisnummer 3237

Ik heb dit stuk in het Nationaal Archief opgezocht en gefotografeerd:

Het archiefstuk bestaat uit twee delen. Een klein boekje en een groter boek. In beide boekjes staan alleen maar (mooie) familiewapens en wapens van koningen, graven, hertogen en baronnen vermeld.

Het Serne familiewapen staat vermeld op bladzijde 25 in het grote boek en staat dus tussen goed gezelschap.

    

 

 

 

 

In het grote wapenboek staat een tekst geschreven die ik nooit kon “vertalen” door het oude handschrift. Chris van Dijkum heeft via de website stamboomforum.nl een vertaling gemaakt.

Tekst in het wapenboek

 

De vertaling door Chris van Dijkum

1. Hier sijn gestelt die wapene(n) des bysdoms van Utrecht
2. in sijn yerste en(de) oude staet sijnre heerlicheyt en(de)
3. vorstelicke hoecheyt mit sijn seve(n) hoechste
4. ministrael leenma(n)nen en(de) andere sijne ridderscap
5. en(de) knapen in sijn gestichte van Utrecht op dese sijde
6. der Yselen geseten

Chris van Dijkum wees mij ook nog op deze bron: http://archive.org/stream/verzeichnissderh02meye#page/10/mode/2up In deze bron wordt het wapenboek beschreven.

Onderzoeksvragen:

  1. Het wapenboek verwijst expliciet naar een bron. Waar heeft de tekenaar van het wapenboek het origineel gezien?
  2. Bestaat er een lakzegel met dit wapen erop? (bestaat de zegelring nog?)
  3. Was Pieter Julius Serné inderdaad de drager/gebruiker van dit familiewapen?

Tot slot een impressie van het familiewapen zoals dat nu zou worden gemaakt. Nogmaals is dit een interpretatie van mijzelf. Het is dus (nog) niet door feitelijke bron-onderbouwing bewezen dat dit “ons” familiewapen is.

Cornelia Hermina van Balen (1750- 1805)

Doop van Cornelia, 8 oktober 1750 te Den Haag

Doop van Cornelia, 8 november 1750 te Den Haag

Cornelia is de echtgenote van Pieter Julius. Zij is gedoopt op 8 november 1750 te ‘s-Gravenhage door ds Munnekemolen. Cornelia komt uit een bijzonder gezin. Haar vader was Pieter Gerard van Balen (1726 – 1779), haar moeder heette Johanna Maria Blanken (1722 – 1777). Cornelia had drie broers. Haar vader is overleden in het huis van Pieter en Cornelia. In de begraafboeken van de Zuiderkerk te Amsterdam staat vermeld:

Pieter Gerard van Balen ten huyse van desselfs behuwd zoon Pieter Julius Serné op de Vijselgracht over de stats (steen) werf, Kerk graf L H No Muur 15, Jan Baars.

Pieter Gerard was boekdrukker/uitgever van diverse drukwerken. In 1758 moest hij zich voor de magistraat van Den Haag verantwoorden voor het uitgeven van het boekje genaamd “Schuitepraetje”. Bij dat verhoor werd hij burger en schutter van de stad ‘s-Gravenhage genoemd.

 

 

 

 

De drie broers van Cornelia waren:

  1. Gerard Wolpherdus van Balen. Hij werd ongeveer 48 jaar oud en was getuige bij de doop van de zoon van Cornelia en Pieter Julius, Gerard Pieter Serné.
  2. Everhardus Adrianus van Balen. Hij werd ongeveer 46 jaar oud. Hij overleed in Paramaribo, Suriname.

    Amsterdamse Courant, 26-04-1800

    Amsterdamse Courant, 26-04-1800

  3. Bernardus Arnoldus van Balen. Geboren te Den Haag, overleden op 19 mei 1829 (74 j.) te Purmerend, was gehuwd met Johanna Christina Plemper (overl. Purmerend 21 juli 1798). Hij was gedurende 7 1/2 jaar apotheker te Leiden, daarna 2 jaar te Utrecht en ten slotte te Purmerend. Hij deed in 1784 examen. In 1813 was hij Adjunct-Maire, later Wethouder in Purmerend. [bron: http://home.hetnet.nl/~jvkuler/apothekers.htm]. Bernardus en Johanna zijn de stamouders van de familie Plemper van Balen. Bernardus Arnoldus wordt op 24 mei 1788 door Prins Willem (V) van Oranje benoemd tot luitenant van de schutterij van de stad Purmerend. [bron: No. 1946. Publicatie behelzende Reglement voor de Krygsraad en Schutterye der Stad Purmerende. In dato den 24 May 1788].

    Opregte Haarlemsche Courant, 23-05-1829

    Opregte Haarlemsche Courant, 23-05-1829

Erfgename
Wendelina Maria Resler, weduwe van ds Arnoldus Gasparus Blanken, benoemd onder andere haar nicht Cornelia Hermiena van Baalen, gehuwd met Pieter Julius Serne, wonend te Amsterdam (abusief Utrecht), tot erfgename. [bron: Streekarchief Rijnland. Toegang notariële archieven Woerden 1580-1825 (W054), Datum: 02-06-1784, Inventarisnummer: 8689, Bladzijde: 16]

Overlijden
Op 5 maart 1805 laat zoon Gerard Pieter een overlijdensadvertentie in de krant plaatsen.

Amsterdamse Courant,  05-03-1805

Amsterdamse Courant, 05-03-1805

Overlijden in Noordwijk-Binnen

Er zijn drie berichten te vinden in diverse kranten over het overlijden van Pieter Julius Serné.

bron: Amsterdamse Courant, 1 januari 1803 (via http://kranten.kb.nl)

 

bron: Opregte Haarlemse Courant, 4 januari 1803 (via http://kranten.kb.nl)

 

bron: Opregte Haarlemse Courant, 12 en 15 februari 1803 (via http://kranten.kb.nl)

Hoe komt Pieter Julius in Noordwijk-Binnen terecht? Een proveniershuis aan zee is misschien de reden. Mogelijk had hij last van zijn luchtwegen en wilde hij meer in de “frisse lucht” aan zee wonen. Maar waarom bleef zijn vrouw dan in Amsterdam wonen?

Genoeg vragen over om uit te zoeken de komende periode.

Gerard Pieter Serné (1785 – 1808)

Pieter en Cornelia hadden, voor zover nu bekend, twee kinderen. Eén kind werd levenloos geboren en één kind werd volwassen, maar overleed jong. Hij heette Gerard Pieter Serné. Gerard Pieter is slechts 22 jaar geworden.  Hij is vanaf mei 1808 tot aan zijn dood, net als zijn vader Pieter Julius, nog kort lid geweest van het Felix Meritis genootschap.

Ik heb het een en ander kunnen vinden in de archieven en op internet. Hieronder volgt een overzicht:

Zijn doop
Gerard Pieter is gedoopt op zondag 30 oktober 1785 in de Hervormde Oude Kerk te Amsterdam, door pastor Dirk Semeins van Binnevest. Doopgetuige was Gerard Wolpherdus van Balen, de oom van Gerard Pieter.

bron: Gemeentearchief Amsterdam
(Toegangsnr 31.431.1-216)

Doopgetuige
Op 24 juli 1808 wordt Anna Maria Christina Middelkoop gedoopt, in de Hervormde Nieuwe Kerk in Amsterdam. Haar ouders zijn Bastiaan Joannes Middelkoop en Trijntje van der Kamp. Gerard Pieter is doopgetuige bij deze doop, samen met Christina Middelkoop.

bron: Gemeentearchief Amsterdam
(Toegangsnr 62.106.10-.51)

Zijn overlijden
Van het overlijden van Gerard Pieter Serné is in twee bronnen iets teruggevonden. Zijn overlijden staat vermeld in de Amsterdamsche Mercurius. Hieruit valt tevens op te maken dat hij in de Zuiderkerk te Amsterdam is begraven. Na zijn overlijden doet notaris Chaufepié, in 1828 (dus 20 jaar na zijn dood!) een oproep in de krant op zoek naar nabestaanden.

Voorblad Amsterdamsche Mercurius, Hoofdstuk betreffende de overledenen

Hier wordt Gerard Pieter vermeld

Begrafenis van Gerard Pieter
In de begraafboeken van de Zuiderkerk te Amsterdam staat inderdaad de begrafenis van Gerard Pieter vermeld. Hij is links midden (graf nr. 20) in de kerk begraven.

bron: Stadsarchief Amsterdam (Toegangsnr 378.ZK – Inventarisnr 63 – afb 20 van 26)

krantenknipsel uit 1828; bron: CBG te ‘s-Gravenhage

Het doodgeboren broertje/zusje van Gerard.
Begraafboek Zuiderkerk (januari 1783); bron: GA Amsterdam

Serné & Comp.

In de notariële akten van het Gemeentearchief van Amsterdam vond ik een aantal leuke aanvullingen. Op de eerste plaats vond ik (helaas nog) geen testament, noch van Gerard, noch van zijn vader Pieter Julius.

Wel vond ik een contract tussen Pieter Julius Serné en Eric Axel Liedbeck (een telg uit een vooraanstaande Zweedse familie). Dit contract betrof de voortzetting van hun compagnie genaamd Serné & Comp. Liedbeck staat in 1788 als koopman vermeld in een naamregister van Amsterdamse kooplieden. Hij woont op hetzelfde adres als Pieter Julius (zie verder op deze pagina).

Zij waren kooplieden en handelden onder andere in 1784 met Philadelphia, met ene James Wilson. Het pakhuis (en woonhuis van Pieter Julius?) stond aan de Oude Schans te Amsterdam. In 1784 verzoeken zij James Wilson de acceptatie van een wisselbrief. Het betreft een bedrag van f. 6000,- (dit bedrag is vergelijkbaar met circa 51.250,- euro in 2011). Waarschijnlijk is dit dezelfde James Wilson (1742-1798) die de onafhankelijkheidsverklaring van de Verenigde Staten heeft getekend op 4 juli 1776!

Ik vond op het internet (www.earlydutchbooksonline.nl) een naamregister van alle kooplieden van Amsterdam van het jaar 1784 (en 1788 en 1792). In dit boekje staat ook de firma Serne en Comp genoemd.

Pieter Julius woonde volgens dit register boven zijn pakhuis: Serne en Comp op de Raamgracht tussen de Kloveniersburgwal en de Zandstraat. Serne (Pieter Julius) ten huize als boven.


Het Damspel

Het damspel in Nederland
Rob Jansen schrijft in Het Nieuwe Damspel van januari/maart 1987 dat op het schilderij van Adriaan de Lelie (1755-1820) betreffende de inwijding in 1788 door professor J.H. van Swinden van de muziekzaal van Felix Meritis aan de Keizersgracht vier intekenaars staan op Ephraim van Emden’s Verhandeling over het Damspel.

De vier intekenaars waren J. Lugt Dirksz (1750-1822) (de man met de mooiste pijpenkrullenpruik voor de kansel, een voorvader van de Mei- dichter Herman Gorter), B. Ruloffs, P.J. Serné en Hidde Heeremiet (1756- 1821).

Bron: FMJD website

Ephraim van Emden
Ephraim van Emden is de schrijver van het eerste Nederlandse boek over het damspel:

Verhandeling over het damspel, waar in deszelfs aart en grondregels midsgaders verschillende loop, zamenschikkingen en werkingen, practicaal aangetoond worden; verrijkt met omtrent 200 Proeven van konstige Positiën en Slagen, welke daar in voorgesteld en opgelost worden.

Het boek verscheen in 1785 en werd herdrukt in 1848.

De pagina waarop Pieter Julius Serné als intekenaar vermeld staat

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een volledige versie van het originele boek

Felix Meritis

Op 31 oktober en 1 november 1788 werd het nieuwe gebouw van Felix Meritis aan de Keizersgracht ingewijd. Twaalf jaar later kreeg Adriaan de Lelie de opdracht voor een schilderij waarin deze gebeurtenis werd vastgelegd. In de ovale Muziekzaal spreekt Jan Hendrik van Swinden, hoogleraar in de wijsbegeerte, wis-, natuur- en sterrenkunde aan het Athenaeum Illustre, tot de leden van de Maatschappij. Velen van hen zijn in het schilderij geportretteerd. Het orkest op de achtergrond bracht tijdens de plechtigheid muziek ten gehore die speciaal voor de gelegenheid was geschreven. De componist, Joseph Schmidt, is te zien rechts naast de spreker. Hij houdt zijn muziek opgerold in de hand. De Lelie schilderde zijn zelfportret schuin boven het hoofd van Van Swinden.

Op het schilderij staan vermeld: Jan Hendrik van Swinden, J. Schmidt, C.E. Weits, J. Pietersse, Dr. Bleecker, F.L. Woldorff, Cornelis Sebille Roos, J. Lugt Dirksz., J.M. Verhoesen, J.G. Fauvarcq, J. Swart, T.I. Weddik, P. Kerkhoven, J. Kuyper, H. Heeremiet, A. Strokkel, H. Aeneae, A. Bonn, E.M. Engelberts, Hendrik Constantijn Cras, D.C. Jamin, R.W. Linde van Dijk, H. Steenbergen, C. Leer, S.D. Cartier, A.C.H. Kaempff, P.S. Serné, J. Kuyper, J.R. Rigail, B. Weddik Wendel, J. Moll jr., J. Lublink de Jonge, A. de Haas, L. Tersteeg, P.H. van Swinden, J.T.N. Fauvarcq, J.S. Hoyman, Ph. Taddel, Jan Anthonie van Hemert, J. Ruloffs, Adriaan de Lelie, J.C. de Haen
bron: Amsterdams Historisch Museum

De zwart-wit foto kreeg ik via Peter Serné uit Amsterdam toegestuurd. De kleurenfoto van het schilderij vond op de website van het Amsterdams Historisch Museum (www.ahm.nl).

Portret van P.J. Serné
Op de contour-schets van dit schilderij (zie verder op deze pagina) staan de namen van de meeste afgebeelde personen aangegeven. De tweede persoon rechts van de spreker (J.H. van Swinden) is P.S. Serné afgebeeld. Het blijkt dat hier door de tekenaar van de contourschets een foutje is gemaakt. De naam van de afgebeelde persoon is niet P.S, maar P.J. Serné.

Tijdens mijn bezoek aan het gemeentearchief van Amsterdam ontdekte ik in de archiefstukken van het Genootschap felix Meritis een ledenlijst met zijn naam. Pieter Julius Serné was van 1782 tot 1795 lid van het genootschap Felix Meritis te Amsterdam. Van 1784 tot 1787 was hij één van de directeuren van het departement muzyk.

Het genootschap Felix Meritis was in 1776 opgericht en had als doel het aanwakkeren van de belangstelling van de burgerij in- en vermeerdering van de kennis van kunsten en wetenschappen; het was in zijn tijd een progressieve instelling.
De teloorgang van Felix begon eind-19de eeuw met de vestiging van een drukkerij in het gebouw. In 1932 werd het gebouw door brand zwaar geteisterd. Na de Tweede Wereldoorlog werd Felix het hoofdkwartier van de Communistische Partij van Nederland (CPN) en werd de partijkrant De Waarheid er gedrukt.
bron: Bureau Monumentenzorg Amsterdam

Houten Naamlijst. Serné is geschreven als Perné…Houten naamlijst

 

Houten naamlijst; bovenstuk halfrond met opschrift: NAAMLIJST DER HEEREN COMMISSARISSEN EN DIRECTEUREN. VAN ‘T DEPARTEMENT MUZYK; twee stroken waar wit geverfde houten naambordjes van bovenaf ingeschoven kunnen worden, links commissarissenlijst rechts directeurenlijst; in beide schachten dertig bordjes, drieëndertig met naam; bij namen jaartallen tussen eind achttiende begin negentiende eeuw en begin negentiende eeuw; in ronddeel drie namen, houten plaatje tegen bordjes met vier beweegbare houten palletjes.
[bron: https://www.rijksmuseum.nl/nl/collectie/NG-NM-8935]

Huwelijk in Amsterdam

In ondertrouw
Pieter Julius Serné en Cornelia Hermina van Balen zijn op 19 maart 1779 in ondertrouw gegaan. In het Stadsarchief van Amsterdam vond ik de onderstaande ondertrouwakte.

Toestemming
Rechtsboven de akte staat in de marge ‘hij vaders consent goet ingebragt’. Zowel bruidegom als bruid hadden een vader die bij het huwelijk moesten assisteren. Pieters vader woonde echter in Stockholm en was niet aanwezig. Cornelia’s vader was wel van de partij. Alleen Pieter moest dus een schriftelijk consent (toestemming) van zijn vader laten zien. De terminologie ‘goet ingebracht’ heeft dus niets met bij het huwelijk ingebrachte goederen te maken, maar is een bevestiging dat de benodigde papieren in orde waren bevonden.

Getrouwd in de Nieuwe Kerk
Op 4 april 1779 zijn Pieter Julius en Cornelia Hermina met elkaar getrouwd, in de Nieuwe Kerk te Amsterdam door dominee Le Grand.

(Bron: DTB van Amsterdam, Trouwregisters van de Kerken, Nieuwe Kerk (1578-1795), boek 998, fiche 177 – 4/4/1779)

 

Pieter Julius Serné – Doop in Stockholm

Doopboek Stockholm

Tijdens mijn onderzoek naar de herkomst van het familiewapen werd ik benaderd door een familielid uit Heemstede. Zij was lid geweest van de Nederlands Genealogische Vereniging (NGV) en ik had haar ooit eens aangeschreven over “onze” stamboom. Tijdens mijn bezoek aan haar liet zij mij een kopie zien uit een doopboek uit Stockholm. Zij is zelf Zweedse van geboorte en had in het archief van Stockholm deze gegevens gevonden. Er stond de doop in vermeld van Pieter Julius Serné en Jacobina Louisa Serné op 17 jarige leeftijd. Hun vader was mennist, oftewel doopsgezind.

Bij de doop van Pieter Julius en zijn zus waren een paar bijzondere doopgetuigen aanwezig:

Emanuel Wasmuht (1731 – 1797)

Pastor Emanuel Wasmuht (1731-1797)

Emanuel Wasmuht heeft Pieter Julius en zijn zus Jacobina Louisa gedoopt. Via deze website vond ik een afbeelding van deze predikant en diverse andere gegevens van andere getuigen. Emanuel Wasmuht was getrouwd met Johanna Margaretha Tiquet (1728 – ca. 1800). Zij was ook getuige bij de doop, net als haar vader Isaac Tiquet (ca. 1690 – 1770)

Madamme Marie Louise de Marteville (1715-1786)
Bij de doop van Pieter Julius Serné en zijn zus Jacobina was een bijzondere vrouw aanwezig namelijk “de Hoogwelgeboren mevrouw Van Marteville douarriere van de Heer Savoije van Marteville” (zie het detail hierboven). Mevrouw Van Marteville was de weduwe van de Hollandse gezant in Stockholm. Hij heette volledig Anton Christian Ludwig Marteville de St. Souverain zich noemende Lodewijk van Marteville (1706-1760) [1]. Deze mevrouw Van Marteville is zo bijzonder, omdat zij te maken heeft gehad met een spraakmakend kwestie in relatie met het “medium” genaamd Emanuel Swedenborg (1688-1772).

Op deze website vond ik onderstaande informatie.
Een ander geval gebeurde omstreeks de zelfde tijd [1761] met de weduwe van de graaf de Marteville, Nederlands gezant te Stockholm. Zij werd namelijk na de dood van haar echtgenoot lastig gevallen om een grote som geld te betalen, maar zij wist dat haar echtgenoot deze voldaan had en een kwitantie had ontvangen, zij kon die kwitantie echter niet vinden. Op raad van vrienden riep zij Swedenborgs hulp in, die dan ook werkelijk na enige dagen de aanwijzing gaf, dat de kwitantie door de graaf in een geheime lade van zijn schrijfbureau geborgen was. Het bestaan van deze lade was aan de gravin de Marteville onbekend; zij vond echter alles zoals Swedenborg haar vertelde en werd zodoende uit haar verlegenheid gered. [Aangaande dit laatste voorval bestaan enige documenten in de Koninklijke Bibliotheek te ‘s-Gravenhage, afdeling handschriften onder de nagelaten papieren van de Utrechtse Hoogleraar Van Goens. Dr. Tideman.]

Anna Johanna Grill (1720 – 1778)

Anna Johanna Grill (1720 – 1778)

Behalve madame De Marteville wordt als doopgetuige vermeld. Anna Johanna Grill. Zij is lid van de vooraanstaande familie Grill die vanuit Nederland naar Zweden emigreerden. Van haar is ook een afbeelding bekend. Anna Johanna Grill was getrouwd met haar neef Claes Grill (1705 – 1767).

Zowel in Zweden als in de Nederlandse Republiek was de familie Grill in de 17e en 18e eeuw zeer aanzienlijk. In het gewest Holland werkten ze in de handel en hielden zich bezig met de productie van geld, waarbij ze vooral duiten maakten. In Zweden maakten de Grill’s vooral furore in de Chinahandel en de Zweedse Oostindische Compagnie. Zowel in Amsterdam als in Stockholm stichtten zij woonvoorzieningen voor arme oude mensen. In Amsterdam is dat het Grill’s Hofje, dat nog steeds bestaat aan de Eerste Weteringdwarsstraat. [bron: http://cbg-adel-en-patriciaat.blogspot.nl/2012/12/de-familie-grill-en-hun-chinese.html gezien(18-09-2013)]

JohanJuliusVultVonSteijern

Johan Julius Vult von Steijern (1695-1767)

(Johan Julius) ridder Vult von Steijern (1695 – 1767)

 

134B1_005v_X

Bijdrage / van Johan Julius Vult [von Steijern (1696-1767)?], in het bezoekersboek c.q. album amicorum van Nicolaas Chevalier (1661-1720), boekhandelaar uit Sédan

Jacob de Broen (circa 1707 – 1767)
Jacob de Broen was diaken en lid van de kerkenraad van de Nederduits Gereformeerde kerk in Stockholm. [2]
Charles Toutin (1732 – 1810)
Charles Toutin was een groothandelaar en fabrikant [3]
de heer (Anthonie Hendrik) Gemnich (1708 – 1766)
De heer Gemmich was koopman en industrieel. Hij was gehuwd met Anna Maria Grill (1709 – 1766), de kleindochter van de eerste Grill in Zweden [4]. Anna Maria Grill is de zus van Claes Grill (1705 – 1767).

Bronnen
[1] Repertorium der Nederlandse vertegenwoordigers residerende in het buitenland 1584-1810, gezien op website: http://www.historici.nl/retroboeken (18-09-2013)
[2] gezien op website: http://www.geni.com/people/Jacob-De-Broen/6000000003513650520 (18-09-2013)
[3] gezien op website: http://www.genvagar.nu/show.asp?PersonId=102119 (18-09-2013)
[4] gezien op website:  www.ancestry.com (18-09-2013)

Pieter Julius Serné (ca. 1746 – 1801)

Inleiding
Op deze pagina, en volgende pagina’s, vindt u allerlei informatie over Pieter Julius Serné. Ik ben op zijn spoor gekomen via mijn speurtocht naar een familiewapen. Via een afbeelding van een mogelijk familiewapen met een bijbehorende naam (zijn naam), heb ik allerlei leuke en verrassende details over zijn leven, familie en werk gevonden. De zoektocht begint in ’s Gravenhage, bij het CBG en gaat via Stockholm, Haarlem en Philadelphia naar Amsterdam. Hij overlijdt tenslotte in Noordwijk-Binnen. Tevens komt de zijdehandel, Felix Meritis Genootschap en de Onafhankelijkheidsverklaring van de Verenigde Staten van Amerika ter sprake! Kortom een zeer boeiend familielid.

Centraal Bureau voor Genealogie
De speurtocht begint bij het Centraal Bureau voor Genealogie (CBG) te ‘s-Gravenhage. In de collectie Muschart ontdekte ik een beschrijving van een familiewapen betreffende de naam Serne. Nu wordt Serné wel vaker met en zonder accent aigue geschreven, of met een extra ‘e’, dus dat was geen reden om niet verder te gaan kijken. De beschrijving luidde:

Serne (35 j); In zilver een uitgeschulpt zwart kruis; En over alles heen een rood schuinkruis. 17e eeuws wapenboek in de collectie Wassenaar. Rijksarchief, aanwinst 1891, no. 28, XIX b (*). Mogelijk behoort hiertoe P.J. Serne getrouwd met Cornelia Hermina van Balen 14/9/1796 te Amsterdam. /zie bij van Balen (kist) / lelie /”

Mijn nieuwsgierigheid werd groter, want naast een beschrijving van een familiewapen, had ik nu ook een, op dat moment, onbekend familielid gevonden, P.J. Serné. In het Nationaal Archief heb ik uiteraard de door Muschart genoemde bron gevonden en een foto van gemaakt. Ik had nu een afbeelding van een familiewapen! Nu op zoek naar P.J. Serné, om de familierelatie aan te kunnen tonen, waardoor ik mogelijk ook recht kreeg om dit wapen te mogen voeren.

Meer informatie over het mogelijke familiewapen vindt u via deze link: familiewapen

Op de volgende pagina’s staat nog veel meer informatie:

  1. Doop in Stockholm
  2. Ondertrouw in Amsterdam
  3. Cornelia Hermina van Balen (zijn vrouw)
  4. Gerard Pieter Serné (zijn zoon)
  5. Felix Meritis
  6. Het damspel
  7. Serné & Comp.
  8. Overlijden in Noordwijk-Binnen

 

(*) De bronverwijzing is veranderd. Nu moet dit zijn:
Nationaal Archief, Den Haag, Familie Van Wassenaer van Duvenvoorde, 1226-1996, nummer toegang 3.20.87, inventarisnummer 3237