Capuala

Op 1 maart 1873 vinden we in de Opregte Haarlemse Courant de eerste advertentie van de Veearts 1e klasse te Haarlem L. Serné. Er zullen nog veel meer advertenties volgen over hetzelfde onderwerp “Capuala” in verschillende kranten, waaronder de Leeuwarder Courant, de Maasbode, het Algemeen Handelsblad, het Vaderland, de Provinciale Noordbrabantsche en ’s Hertogenbossche courant, het Nieuws van de Dag, de Veendammer Courant en de Arnhemsche Courant. Maar naast deze kranten stonden de advertenties in nog veel meer andere kranten. Leo doet zich voor als veearts en probeert een zalf aan de man te brengen waarmee wonden bij dieren kunnen worden genezen.



Opregte Haarlemsche Courant, 21 december 1876

Wat was Capuala?

Ondanks de vele advertenties in de verschillende kranten waarin Capuala werd aangeprezen, waren er ook mensen die argwanender waren. Onder andere in de Landbouw Courant en het Pharmaceutisch weekblad voor Nederland wordt vermeld dat de zogenaamde Capuala voornamelijk uit ranzige reuzel bestaat, vermengd met as en kool.

Pharmaceutisch Weekblad (1878)

Landbouw Courant (1879)

Leendert was zo slim (of gewiekst) dat hij het aandurfde om 100 busjes Capuala in te sturen (fl. 1,50 per doos) naar de Tentoonstelling van Nederlandsche en Koloniale Nijverheid te Arnhem, gehouden van juni tot en met oktober 1879. Het product viel onder Groep V, chemische nijverheid.1

Jaren later wordt Capuala nog een keer vermeld in het Britse blad The Chemist and Druggist van 15 oktober 1910 (blz. 46). In dit blad wordt vermeld dat er onderzoek naar Capuala is gedaan. De uitkomst wordt niet vermeld, maar laat zich raden.

Zelfs na zijn vlucht naar Londen blijkt dat Leendert in Engeland Capuala probeert te verkopen.

The Daily Ipswich Journal (03-01-1887)

Capuala na 100 jaar

Capuala heeft lang in de herinnering van de mensen een rol gespeeld, want 100 jaar later stond er een kort artikeltje in de Leeuwarder Courant.

1. W.K. Kien, Catalogus der nationale tentoonstelling van Nederlandsche en koloniale nijverheid te Arnhem 1879, Arnhem (pag. 63)