Leon Serné: uitvinder

Leon Serne heeft tussen 1903 en 1913 veertien patenten laten registreren. Soms deed hij dit alleen, maar meestal samen met anderen. Onder andere zijn broer Johannes Bernardus Serne diende samen met Leon patentverzoeken in. Het eerste patent vroeg hij al een week na zijn vrijlating aan! Leon heeft tijdens zijn gevangenis duidelijk genoeg kunnen nadenken. Niet alle patenten zijn even interessant en enkele zijn ook gedateerd. De leukste vermeld ik hier.1

patent 1: An improved apparatus for racing on water (6 maart 1903)
Deze uitvinding bestaat uit een verbeterde inrichting voor het racen op het water. De inrichting omvat twee boten die geschikt zijn verbonden of met elkaar zijn verbonden en vervaardigd uit zink of een ander geschikt materiaal. Er is een verstelbare stoel aanwezig en het geheel wordt voortbewogen door de persoon die deze gebruikt door middel van een geschikte scull of pabble. Leon was zijn tijd duidelijk ver vooruit, want in de 21e eeuw noemen we dit suppen.

patenten 2 tot en met 8

  • patent 2: warmtestraler op het kookfornuis (24 maart 1903) [19]
  • patent 3: gebruik van restwarmte bij een oven (15 juli 1904) [20]
  • patent 4: Een leiding die lucht verwarmd met restwarmte uit as van de oven (24 januari 1905) [21]
  • patent 5: terugslagklep voor een luchtslang(30 oktober 1905) [22]
  • patent 6: bandenpomp (14 november 1905) [23]
  • patent 7: bandenpomp 2 (13 juni 1906) [24]
  • patent 8: gasfornuis 2 (30 november 1907) [25]
patent 9: What’s in a name (4 mei 1908)
Naamplaatjes bevestigen. Een metalen naamplaatje waarin enkele letters tussen evenwijdige groeven a1 worden geschoven en op hun plaats worden gehouden door een stop en een clip, is voorzien van geperforeerde oren waarbij de plaat kan worden bevestigd met spijkers, schroeven of dergelijke.

patent 10: A New or Improved Device to Enable the Game of Bagatelle to be Played upon a Billiard Table (31 maart 1909)
Tafelspelen. Een bord met een schuine verenrand en een reeks kopjes wordt op een biljarttafel geplaatst om het spelen van bagatelle mogelijk te maken. Het bord kan in een hoek worden geplaatst zodat de biljarttafel aan twee kanten voor de kussens zorgt; of het bord kan worden voorzien van eigen zij- en eindkussens en naar wens worden geplaatst. In een verdere modificatie, kan het bord rond zijn, waarbij de ballen ofwel direct in de bekers of buiten de biljartkussens worden gespeeld.
patent 11: lijnwerp apparaat (4 oktober 1912)
Geen patent verleend (Verzegelingskosten niet betaald). Lijnwerpapparaat. Een zaklijnwerpapparaat bestaat uit een plat frame, draagpennen en met aan één uiteinde een oog of iets dergelijks, waaraan een koord is bevestigd dat op een haspel is gewikkeld. De haspel is gemaakt om in het frame te passen wanneer deze niet in gebruik is. Er wordt een geschikte hoes voor het apparaat meegeleverd.
patent 12: Borstels met een muziekje (14 oktober 1912)
Een borstel wordt gecombineerd met een door een uurwerk aangedreven muziekinstrument, waarvan de stopinrichting wordt vrijgegeven bij het hanteren van de borstel. In twee constructies verwijdert een veervingerstuk of stud de stop uit het pad van de vlieg. Zoals getoond in Fig. 9 laat de bal de gulp los bij het kantelen van de borstel; of het gewicht kan hangend zijn. De opwinddoorn wordt verborgen door de borstelharen.

patent 13: WC papier met een muziekje (19 november 1912)
Een houder voor toiletpapier, inpakpapier of ander papier is zo opgesteld dat de handeling van het trekken aan het papier om een stuk los te maken een muziekinstrument laat klinken. De uitvinding is toepasbaar op houders voor vellen papier en is bijvoorbeeld zo opgesteld dat een trek aan het papier ervoor zorgt dat de houder naar beneden beweegt ten opzichte van een stang waaraan de houder is opgehangen, waardoor een pal vrijkomt en de klok -werkmechanisme van een speeldoos om voor een bepaalde periode te werken. De platen worden op vijf gebogen palen gehouden door een veerbeugel.

De discussie over hoe een toiletrol moet worden opgehangen in de houder is hiermee ook eindelijk opgelost.

patent 14: klappertjes pistool (13 maart 1913)
Een speelgoedvuurwapen dat een staartstuk laadt voor het afvuren van blanco patronen heeft een permanente stop in de boring van de loop om te voorkomen dat het propje naar buiten komt, openingen worden gevormd aan de achterkant stoppen om ontsnappen van gassen. Het pistool is voorzien van een scharnierend sluitstuk en een scharnierende patroontrekker. De aanslag wordt bij voorkeur verschaft door de loop voor een deel van zijn lengte massief te vormen. De uitvinding is toepasbaar op speelgoedgeweren etc.

1. Bron: https://worldwide.espacenet.com/patent/search/