Adrianus Serné
(1773 – 1853)

Adrianus Serné werd op 5 juli 1773 te Haarlem geboren. Hij was daar tot zijn vertrek naar Zwolle, in 1834, een bekende kunstverlakker. In Zwolle werd Adrianus directeur van ‘Het Teekencollege’. Hij was een medewerker van P. Barbiers Bzn. (III) en tekende, etste en schilderde voornamelijk (duin)landschappen en stadsgezichten. Adrianus gaf les aan G. Meijer en aan zijn zoon Samuel Hendrik Serné. Adrianus overleed 30 september 1853 in Zwolle op 80 jarige leeftijd. In dit zelfde jaar werd Vincent van Gogh geboren.

De eerste gedocumenteerde tekenen van leven van Adrianus Serné zijn te vinden in het doopboek van de Nederduits Gereformeerde Kerk van Haarlem. Op 5 juli 1773 wordt Adrianus geboren en op 7 juli wordt Adrianus in dit boek bijgeschreven. Zijn roepnaam wordt hier vermeld als Janus. Doopgetuigen zijn Pieter de Houw en Anna Teturans.

Adrianus is het oudste kind van Jacobus Serné en Jansje van Gelder. Hij is eveneens de enige zoon, want na hem worden alleen nog 3 meisjes geboren waarvan er 1 al binnen een maand na de geboorte sterft.

Woelige tijden…
Adrianus groeit op in een roerige tijd. Hij wordt geboren in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Wanneer hij zijn eerste etsen maakt is Nederland de Bataafse Republiek en hij zal later op 80 jarige leeftijd sterven in het Koninkrijk der Nederlanden.

Lid van het St. Lucasgilde
Of Adrianus naar school is geweest, is niet bekend. Wel is bekend dat hij staat vermeld op een ledenlijst van het St. Lukasgilde. In het bijzonder op de ledenlijst van 1788-1798. Het St. Lukasgilde was het gilde voor onder andere de schilders. Deze ledenlijst is gerangschikt naar straatnaam. De lijst is waarschijnlijk nog enige tijd na 1798 bijgehouden, ondanks dat de gilden officieel waren afgeschaft. Adrianus staat als lid vermeld bij de Kleine Houtstraat van de Brug tot de Hanegang.

Zijn 3 huwelijken
Op 8 november 1801 trouwt Adrianus voor de eerste maal. Hij trouwt met Cornelia Wouters. Cornelia is geboren op 31 januari 1774 in Velsen. Samen krijgen zij 6 kinderen. 3 Kinderen worden er volwassen en 3 sterven al voor hun eerste levensjaar. Cornelia sterft op 3 januari 1820 te Haarlem.

5 Maanden na het overlijden van Cornelia trouwt Adrianus, op 10 mei 1820, met Neeltje Cos. Neeltje is op 14 augustus 1782 in Nieuw Loosdrecht geboren en sterft al snel op 24 mei 1823 te Haarlem. Zij krijgen samen 1 kind.

Wederom binnen een korte tijd na het overlijden van zijn tweede vrouw huwt Adrianus met zijn derde vrouw, op 5 november 1823 te Amsterdam, genaamd Trijntje Barbara Schagen. Trijntje wordt op 12 oktober 1791 te Amsterdam geboren en zal Adrianus’ vrouw blijven tot zijn dood.

Trijntje overlijd op 1 januari 1873 te Zwolle. Samen met Trijntje krijgt Adrianus nog eens twee kinderen: Albertus Jacobus en Samuel Hendrik. De volgende afbeelding is het geboortebericht uit de krant van Albertus Johannes. Albertus Johannes is 6 dagen na de geboorte van Samuel Hendrik overleden. Samuel Hendrik zal later bekend worden als een tekenaar en musicus.

Vetrek naar Zwolle en zijn overlijden
Op 22 juni 1830 vertrekt Adrianus met zijn gezin, bestaande uit zijn vrouw Trijntje en zijn zoons Adrianus en Samuel naar Zwolle. Daar wordt hij directeur van het Tekencollege. Hij is dan al 57 jaar oud. Zeker in zijn tijd al een respectabele leeftijd. Op 30 september 1853 sterft Adrianus in Zwolle. Zijn overlijdensakte (zie onder) vermeldt, dat hij is overleden in de Muschehage voor de Kamperpoort.

Tentoonstellingen
Adrianus’ werken hebben op diverse tentoonstellingen gehangen:

  1. Haarlem (1825)
    In het rapport der hoofdcommissie ter beoordeeling van der voorwerpen van Nationale Nijverheid ten toon gesteld te Haarlem in de maanden julij en augustus 1825 staat vermeld vanaf pagina 228:”ZESDE AFDEELING, Lakwerk. Slechts sedert korte jaren, is men geslaagd, om Japansche en Oostindische lakwerk op hout en metaal na te maken. Het schijnt dat de heer A. Serné, te Haarlem, de eerste geweest is, die zich, met eenig goed gevolg, daarop toegelegd heeft; sedert dien tijd is deze kunst bijzonderlijk tot volkomenheid gebragt, en de voortbrengselen er van, die wij op de tentoonstelling vinden, strekken daarvan ten bewijze.
    . . . .
    De heer A. Serné te Haarlem stelt eene tafel ten toon waarvan de teekening in den indiaanschen smaak is; ook nog een theeblad, trekpotten en twee schenkbladen. De commissie vindt verdiensten in dezelve, en maakt er zeer eervolle vermelding van.
  2. Amsterdam (1834)
  3. ‘s-Gravenhage, Zwolle en Leeuwarden (1814-1853).

In de volgende lexicons wordt Adrianus Serné vermeld:

  1. Eynden/Van der Willigen 1816-1840; Roeland van Eynden en Adriaan van der Willigen, Geschiedenis der vaderlandsche schilderkunst, sedert de helft der XVIII eeuw, dl. 1 (Haarlem 1816), dl. 2 (Haarlem 1817), dl. 3 (Haarlem 1820), dl. 4 (Haarlem 1840)
  2. Immerzeel 1842; J. Immerzeel jr., De levens en werken der Hollandsche en Vlaamsche kunstschilders, beeldhouwers, graveurs en bouwmeesters; (herdruk) Amsterdam, 1974.
  3. Chr. Kramm; De levens en werken der Hollandsche en Vlaamsche kunstschilders, beeldhouwers, graveurs en bouwmeesters; (herdruk) Amsterdam, 1974 (vervolg op het werk van Immerzeel)
  4. Pieter A. Scheen, Lexicon Nederlandse Beeldende Kunstenaars 1750 – 1880 (en 1950); ‘s-Gravenhage, 1970 (en 1981).
  5. Thieme/Becker 1907-1950; Allgemeines Lexikon der bildenden Künstler von der Antike bis zur Gegenwart / unter Mitwirkung von 300 Fachgelehrten des In- und Auslandes ; hrsg. von Ulrich Thieme und Felix Becker. – Photomech. Nachdruck. – Leipzig : Seemann, [s.a.]. – 37 dl.
  6. Waller 1938/1974; F.G. Waller, Biographisch woordenboek van Noord Nederlandsche graveurs / uitgegeven door Beheerders van het Wallerfonds ; en bewerkt door W.R. Juynboll., – ‘s-Gravenhage : Nijhoff, 1938; unchanged reprint 1974
  7. Wurzbach 1906-1911; Niederländisches Künstler-Lexikon / auf Grund archivalischer Forschungen bearb. von Alfred von Wurzbach. – Wien [etc.] : Halm und Goldmann, 1906-1911. – 3 dl.
  8. Van Hall port.; geen nader gegevens van bekend

Andere internet links:
CADENS is een `work-in-progress’ met als doelstelling alle Nederlandse XIXe eeuwse tentoonstellingscatalogi van beeldende kunst te traceren en te beschrijven en de inhoud ervan toegankelijk te maken en te analyseren. De resultaten van het project zijn voor een belangrijk deel via Internet te raadplegen. Ook Adrianus wordt dit project genoemd:

Het Stedelijk Museum in Zwolle
Het Stedelijk Museum Zwolle heeft een aantal werken van Adrianus in haar bezit. Eveneens is er in 1998 een expositie geweest van één van de leerlingen van Adrianus: Gerardus Meijer.